De ene dokter is de andere niet

Mijn linker knie protesteert steeds vaker. Heel lang geleden was ik een fanatiek karateka. Een mislukte karatetrap door nota bene de bondscoach maakte daar een einde aan. Mijn meniscus was gescheurd en na heel veel röntgenfoto’s en gipsspalken werd ik uiteindelijk geopereerd. Dat duurde alles bij elkaar wat langer dan tegenwoordig het geval is; zes maanden!
Ik heb die knie daarna jarenlang heel intensief gebruikt en het is een wonder dat het zolang goed is gegaan.

Na het al maanden te hebben uitgesteld zat ik vanmiddag dan toch in de spreekkamer van een orthopedisch chirurg. De specialist, een redelijk jonge vent, vroeg wat mijn klachten waren en zei dat het beeld op de foto’s nog  meeviel. Tja, ik zit natuurlijk ook niet te wachten op weer een operatie maar die knie beperkt mij steeds meer tijdens sporten, een heel gewone wandeling en dagelijkse dingen. Hij is regelmatig dik en doet echt pijn.
En als ‘ik’ dat zeg dat iets pijn doet dan is dat zo!
Maar weet die orthopeed veel.

Ik probeerde de beste man duidelijk te maken dat ik het op prijs zou stellen als hij met mij mee zou willen denken. “Ik ben PMP patient en…..”

“U bent wat?, wat is dat, daar heb ik nog nooit van gehoord”

Daar gaan we weer.
De man heeft duidelijk haast dus ik leg zo kort mogelijk  uit PMP is en wat mij mogelijk nog staat te wachten in de toekomst.
Ik vertel hem dat in mijn hoofd  het doemscenario speelt van nog eens een grote buikoperatie plus HIPEC en dan wéér moeten revalideren. Als ik dan ook nog eens een knie heb die het helemaal af laat weten krijg ik dat misschien niet meer voor elkaar. “Als het enigszins kan wil ik dat voor zijn”.
Er volgt een reactie waar ik niet veel mee kan:

“mensen die een HIPEC hebben gehad krijgen op den duur
allemaal last van darmverklevingen”

Alsof ik dat niet weet!  Lekker opbeurend.

Ik ga de deur uit met een corticosteroïd injectie in mijn knie, de opmerking “we zullen in het team bespreken of  een halve prothese een oplossing is”                                                                én een rotgevoel.

‘Het klikte helemaal niet’

Misschien ben ik teveel verwend door mijn hoofdbehandelaar in het Antonius Ziekenhuis die altijd zo open en empathisch is. Die luistert, al mijn vragen beantwoord en meedenkt. Daar ben ik niet patiëntnummer zoveel maar ‘Marieke die samen met Simon zo van motorrijden houdt’.